Multitasken: suiker voor je brein

Het woord multitasken werd oorspronkelijk gebruikt in de ICT om processoren meerdere taken tegelijk te laten uitvoeren. Dat konden wij mensen ook, dacht men, en zo werd multitasken dé manier om tijd te besparen.

Het klopt inderdaad dat je routineuze handelingen kunt combineren met andere taken. Autorijden en een gesprek voeren bijvoorbeeld, zolang de rit probleemloos en het gesprek oppervlakkig is. Want als je bij een van de twee alert moet zijn of na moet denken, krijgt geen enkele taak de benodigde kwaliteit: het gesprek stokt en een trap op de rem voorkomt maar net een botsing.

Smartphones en tablets hebben multitasken echter zo gemakkelijk gemaakt, dat het handig en efficiënt lijkt. De prijs die we voor deze gewoonte betalen liegt er echter niet om. Recente feiten over multitasken met veel media:

• Veelgebruikers van media zijn sneller afgeleid dan mensen die niet ‘mediamultitasken’. Ze kunnen zich minder goed concentreren en slaan informatie minder goed op.

• Mediamultitasken gaat ten koste van je IQ. Het effect op je cognitie is vergelijkbaar met het roken van een joint, zeggen onderzoekers van de Universiteit van Londen.

• Multitasken veroorzaakt mogelijk schade aan je brein. MRI-scans suggereren dat met name het gebied waar empathie en impulsbeheersing zetelen minder ontwikkeld is. Dat is relevant, want dankzij je EQ (emotionele intelligentie) kun je afstemmen op anderen. Mensen die ‘mediamultitasken’ lijken zich duidelijk minder bewust van hun omgeving.

Multitasken is inefficiënt omdat je dingen niet werkelijk tegelijk doet. Je wisselt gewoon van taak, zeker als je achter een scherm zit. Van mail naar agenda, van internet naar het document waar je mee bezig bent, van taakprogramma naar mail en weer terug. Tel het aantal schermen dat gemiddeld openstaat en je weet dat het klopt.

Omdat je steeds je aandacht verlegt, verbruik je veel meer ‘brandstof’ dan wanneer je gewoon geconcentreerd aan één ding zou werken. Dat blijkt ook uit onderzoek: wie multitaskt is improductiever dan iemand die taak voor taak werkt.

Ironisch: juist als je geconcentreerd probeert te werken, gaat je brein op zoek naar afleiding. Maar dat is net als met suiker: het voedt niet en je hebt snel weer een nieuwe kick nodig.

This entry was posted in E-mail en andere tijdverslinders, Uitstelgedrag en andere inefficiënte gewoontes and tagged , , . Bookmark the permalink.

Comments are closed.